Er zijn twee redenen voor deze ontwikkeling. Er is een groeiende uitstroom van mannen die met pensioen gaan en de instroom van vrouwen neemt al jaren toe. De meest `vrouwelijke` vakken zijn klinische geriatrie, kindergeneeskunde en revalidatiegeneeskunde. Van de neurochirurgen en orthopedisch chirurgen is slechts 10% vrouw. Ook zijn er (veel) meer mannen te vinden bij radiologie, urologie, chirurgie en cardiologie.
De `mannelijke` vakken tellen de meeste vrijgevestigde specialisten; de `vrouwelijke` vakken de meeste artsen in loondienst. De komende jaren bereiken gynaecologie, reumatologie, radiotherapie, dermatologie en psychiatrie het omslagpunt; er zijn dan meer vrouwelijke dan mannelijke specialisten.