Het schuldgevoel ontstaat omdat de werkster werkzaamheden verricht die de opdrachtgever hoogstwaarschijnlijk zelf niet leuk vindt om te doen. Dat maakt het voor de opdrachtgever ook moeilijk om op hetzelfde moment thuis te zijn als de werkster. Hij of zij wil niet zien hoe iemand anders het vuile werk voor hem of haar verricht. Uit schuldgevoel wordt de werkster dan soms wel eens iets te drinken aangeboden, maar door verschil in benadering loopt dit vaak op niets uit.
De werkster weigert bijvoorbeeld een kopje koffie, omdat niet duidelijk is of dit binnen de werktijd valt of dat het in eigen tijd is en er dus extra langer doorgewerkt dient te worden. Volgens Botman moeten werkgevers dan ook vooral duidelijker zijn tegenover de hulp. Wie laat weten dat de hulp goed of juist slecht werk doet, maakt het voor de werkster gemakkelijker.