`Dat behoort tot het levenslange leren, of men dat graag heeft of niet. Met een autoritair regime heeft dat niets te maken. Autoritaire benaderingen vormden de beheerscultuur van de jaren zestig. Daar wil ik niet naar terug. In die periode kreeg men regels opgelegd die blindelings moesten worden gevolgd. Vandaag worden die regels met de medewerkers samen ontwikkeld. Alleen zij weten immers in detail hoe processen functioneren. Het liberale beleidsmodel van de voorbije dertig jaar, waarbij men alles op zijn beloop liet en er gehoopt werd dat de medewerkers er het beste zouden van maken, functioneert in de huidige economische omgeving echter ook niet meer.` Het komt er volgens Springer op aan de medewerkers in deze normen te trainen en erop toe te zien dat de instructies worden gevolgd. `Men moet het medewerkers duidelijk maken dat de normen van het ondernemingsbeleid cruciaal zijn,` merkt hij nog op. `Helaas schrikken vele bedrijfsleiders ervoor hun medewerkers telkens op die vereisten te wijzen. Dat wordt echter ook niet in het onderwijs aangeleerd. In de onderwijs is het vakgebied discipline nergens terug te vinden.`
Springer voegt er aan toe echter nog nooit meegemaakt te hebben dat het grootste gedeelte van het werknemersbestand zich tegen een grotere discipline hebben gekeerd. Ook medewerkers ergeren zich volgens hem aan dingen die niet functioneren. Springer stelt dat controle vanuit die optiek duidelijk meer belang heeft dan vertrouwen. `Bij de investeringsbanken weet de rechterhand ook niet wat de linkerhand doet,` voert hij aan. `Ook dat was een oorzaak van de financiële crisis. De medewerkers hebben niet alleen de producten niet meer begrepen, maar hebben ook geen idee meer over de werking van de processen. Maar uiteraard moet ook de leiding zelfdiscipline aan de dag leggen en niet uitsluitend controlerend optreden. Een leider wiens bureau een stal is geworden, moet tegen de medewerkers niet over orde en netheid beginnen.`