Volgens Kahneman zijn er omstandigheden waarin het zinvol is om op intuïtie te vertrouwen; bijvoorbeeld wanneer onder tijdsdruk een besluit moet worden genomen. Volgens beide wetenschappers zijn er twee omstandigheden waarin intuïtie betrouwbaar is. Allereerst is dat wanneer een situatie een bepaalde structuur heeft en dus tot op zekere hoogte voorspelbaar is. De tweede factor is de mate waarin besluitvormers de kans hebben om feedback te krijgen op hun oordeel, zodat ze hun oordeel kunnen versterken en expertise kunnen opbouwen. Een probleem met expertise is echter dat veel mensen niet weten waar de grenzen van hun expertise liggen.
Bij het maken van strategische besluiten is het volgens beiden gevaarlijk te veel te vertrouwen op intuïtie; er zijn immers altijd aspecten van het probleem die buiten het blikveld van de manager vallen, bijvoorbeeld het gedrag van de concurrent.