Topbeloningen worden te veel getoetst aan internationale normen
In de periode 2002 -2005 maakten topinkomens een relatief sterke groei door. Het totale inkomen van de bestuursvoorzitter van een AEX-fonds steeg met gemiddeld 26,4% per jaar. De verhouding tussen dit inkomen en het inkomen van de gemiddelde Nederlander steeg van 21 naar ruim 24. In de periode 2002-2006 nam het basissalaris van de topinkomens toe met 12% en de variabele beloning steeg beduidend harder. De stijging hangt samen met vier factoren. Ten eerste internationalisering van het Nederlandse bedrijfsleven. Deze factor weegt echter niet zwaar, want slechts 8% van de topverdieners in Nederland heeft een buitenlandse nationaliteit.
Ten tweede groei in de omvang van bedrijven en ten derde de opkomst van variabele beloning, zoals bonussen in contanten, opties en aandelen. Ten vierde de internationalisering van beloningsnormen. Bestuurders vergelijken hun inkomen met buitenlandse tegenhangers, en zeker in de VS zijn de beloningen hoger. Politiek en de samenleving houden de topinkomens nauwlettend in de gaten. De code-Frijns biedt commissarissen regels voor goed beloningsbeleid.