In een onzekere omgeving moeten leidinggevenden allereerst duidelijke doelstellingen formuleren die weliswaar in lijn liggen met de langetermijnstrategie, maar die op korte termijn gerealiseerd kunnen worden. Voorts moet de angst voor falen gereduceerd worden door de nadruk te verleggen van de mate van mislukking naar de kosten ervan: falen moet kunnen, maar tegen zo laag mogelijke kosten. Voor de reductie van onzekerheid en angst moet echter geëxperimenteerd worden, lineair, sequentieel en desnoods simultaan. Dit laatste vergroot overigens de kans op succes.
Ten slotte moet de organisatie momentum creëren. Is eenmaal de koers vastgesteld, dan moet de leidinggevende voor ogen houden dat naarmate een situatie onzekerder wordt, mensen geneigd zijn krampachtiger vast te houden aan bekende routines, manieren en gedragingen. Dit kan het veranderproces blokkeren.