Het Damrak is in afwachting van een stemming in het Slowaakse parlement over de versterking van het Europese noodfonds lager gesloten. De AEX sloot na een vier dagen durende rally in kalme handel 0,2 procent lager op 292,88 punten.
“Slowakije blijft boven de markt hangen”, zegt Vermogensbeheerder Ed Manie van Keijser Capital, die toevoegt dat lichte winsten op Wall Street de verliezen voor Europese aandelen hebben beperkt. Slowakije moet als laatste van de 17 eurolanden nog akkoord gaan met de versterking van het EFSF. Een van de coalitiepartijen dreigt niet voor te stemmen, waardoor de regering afhankelijk is van de steun van de oppositie. De grootste oppositiepartij wil in eerste instantie tegen stemmen en in een tweede stemming wel akkoord gaan. Dat zou de val van de regering van premier Iveta Radicova betekenen, zo meldt Reuters.
In ander nieuws rond de Europese schuldencrisis zei ECB-president Jean-Claude Trichet vanochtend tegenover het Europese Parlement dat de crisis “systematisch” is geworden. “Zorgen om soevereine staten is overgeslagen van kleine economieën naar grote landen,” aldusTrichet. Jean-Claude Juncker, de premier van Luxemburg en de voorzitter van de Eurogroup, zei dat houders van Griekse staatsobligaties moeten rekenen op haircuts van meer dan 60 procent. Uit een simulatie door Reuters van de derde Europese banken stresstest blijkt dat 48 van de 90 onderzochte banken zakken en 100 miljard euro aan kapitaal nodig hebben. In de stresstest wordt volgens het persbureau uitgegaan van een afwaardering naar marktwaarde van staatsobligaties van de zwakke eurolanden.
“De as Berlijn-Parijs moet het gaan doen, maar Berlijn en Parijs staan lijnrecht tegenover elkaar,” zegt Manie over de beloofde gecoördineerde steun aan Europese banken. Manie wijst er op dat Frankrijk wil dat banken via het Europese noodfonds worden gesteund, terwijl Duitsland juist wil dat landen zelf hun eigen banken steunen.
Op de andere Europese beurzen bedroegen de verliezen 0,3 procent voor zowel de CAC als DAX. Op de Stoxx eindigden vooral verzekeraars, nutsbedrijven en de sector basismaterialen lager. De euro/dollar zakte van 1,367 naar 1,357, om vervolgens te herstellen naar 1,365.